Wet maakt opleidingskosten verhaalbaar als werknemer onderneming verlaat


Een scholingsbeding is een beding waarbij de werknemer, die gedurende de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst een specifieke vorming volgt op kosten van de werkgever, zich ertoe verbindt om aan deze laatste een gedeelte van de vormingskosten terug te betalen ingeval hij de onderneming verlaat voor het einde van de door de partijen overeengekomen periode.

Het scholingsbeding kan in beginsel betrekking hebben op alle werknemers verbonden door een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur.

Sinds 10 november 2018 kan een scholingsbeding opgenomen worden in een arbeidsovereenkomst indien de werknemer minder dan 34.819 EUR per jaar (bedrag voor 2019) verdient of indien hij een opleiding volgt voor een knelpuntberoep of een moeilijk in te vullen functie.

De wetgever gaat nu een stapje verder.

Scholingsbedingen bij knelpuntberoepen zullen mogelijk zijn voor opleidingen die reglementair of wettelijk verplicht zijn voor het uitoefenen van een bepaald beroep.

(Bron: 14 OKTOBER 2018. — Wet tot wijziging van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten met het oog op de versoepeling van het scholingsbeding en de invoering van een scholingsbeding voor knelpuntberoepen. BS 31/10/2018 )

Vormvoorwaarden

Op straffe van nietigheid dient het scholingsbeding schriftelijk te worden vastgesteld, ten laatste op het ogenblik van de aanvang van de verstrekte opleiding in het kader van dit beding. Het geschrift moet individueel zijn. Het bestaan van een scholingsbeding kan niet voortvloeien uit een vermelding in het arbeidsreglement of een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten op ondernemingsniveau.

Dit geschrift dient een aantal verplichte vermeldingen te bevatten. 
Vooor meer informatie => http://www.werk.belgie.be/defa...